Jeroen Bosch @ Brutus Oeuvreprijs voor Kunstkritiek

Deze post stond al klaar in het CMS van Trendbeheer, met alleen een titel en verder een leeg veld. Blijkbaar had Jeroen Bosch voorwetenschap en wilde hij een bericht wijden aan de prijsuitreiking. Maar in plaats van een artikel deelde hij alleen een link naar zijn eigen blog. (Bescheidenheid siert de mens, maar sommige mensen overdrijven.) Het bericht: Jeroen Bosch wint Brutus Prijs voor Kunstkritiek. Onderdeel van de Rotterdamse Kunstprijzen, die dinsdag 21 april werden uitgereikt door burgemeester Carola Schouten op het stadhuis van Rotterdam.

Dan publiceer ik het maar als jongste bediende, want het juryrapport voor de prijs willen we je niet onthouden. Het is een dikke veer in de reet van Jeroen, Niels en Trendbeheer. En het bevat een pijnlijke beschrijving over de staat van de kunstkritiek. Daar gaat ie.

Jeroen Bosch wint Brutus Prijs voor Kunstkritiek

Dit jaar wordt voor het eerst de Brutus Prijs voor Kunstkritiek uitgereikt. Deze jaarlijks uit te reiken prijs bestaat uit een geldbedrag van €2500 en een sculptuur.

Kunstenaar Joep van Lieshout nam het initiatief tot deze prijs omdat hij vindt dat de kunstkritiek onder vuur ligt. En dat terwijl scherpe analyses en kritische beschouwingen noodzakelijk zijn om beter tot de kern te komen van een oeuvre, een tentoonstelling of een individueel werk. Recensenten zwengelen het publieke debat aan over de bedoelingen van makers en curatoren, de betekenis van hun creaties en de waarde die dat heeft voor de bredere samenleving. In de woorden van Van Lieshout: “Kunstkritiek is een vorm van waarheidsvinding die we moeten koesteren in deze tijden van toegenomen vluchtigheid.”

advertentie(s)

De kunstkritiek staat al decennia onder druk. Er is steeds minder kolomruimte in de kranten, waar human interest het vaak wint van doorwrochte argumentatie. Een toenemend aantal kranten en tijdschriften heeft z’n cultuurredactie zelfs geheel opgeheven. Zeker in regionale en lokale media is voor kunst en cultuur geen ruimte meer. Digitale platforms kunnen een vrijplaats zijn maar autonomie wordt daar vaak aangetast door de hang naar clickbait en gebrekkige transparantie over opdrachtgeverschap en betaling waardoor recensies soms niet te onderscheiden zijn van advertorials.

Ondanks die druk blijven kunstcritici actief en is er nog steeds nieuwe aanwas. Ook de diversiteit neemt toe – de kunstciticus is allang geen klassieke dagbladrecensent meer maar kan ook blogger, influencer of kunstenaarbeschouwer zijn. Dat blijkt uit de longlist van 25 namen die de jury van de eerste editie van de Brutus Prijs voor Kunstkritiek samenstelde. Het juryberaad bleek al snel geen vergelijking van appels en peren, maar de hele fruitschaal moest in de overweging worden meegenomen. En zelfs met zes goed ingevoerde juryleden is het onmogelijk gebleken zicht te hebben op het complete veld. Wie weet experimenteert een nog onbekende trailblazer in een hoekje van het internet met nieuwe, interessante vormen van kunstkritiek. Als we die gemist hebben, dan hopen we ons net voor de volgende editie nog ruimer te kunnen werpen.

In de veelvormigheid van de Nederlandse kunstkritiek is ruwweg een tweedeling te maken. Enerzijds hebben we de recensenten, veelal werkend voor mainstream media, die kunsthistorische kennis en professionele kijkervaring koppelen aan argumentatie om tot een oordeel te komen, al dan niet ondersteund door een score in ballen of sterren. Anderzijds opereert een veelal jongere generatie via social media en andere online platforms, waarbij een meer persoonlijke, laagdrempelige benadering vaak voorop staat. In beide vormen van kunstkritiek laveren de beoefenaars tussen het enthousiasmeren van lezers enerzijds en het inhoudelijk bijdragen aan ‘het kunstdiscours’ anderzijds. Vooral dat laatste is volgens de jury van belang: kunstkritiek moet uitstijgen boven verslaggeverij of ronkende promotiepraat.

De jury is het eens over nog een aantal andere zaken. Zo hecht zij groot belang aan het hebben van een eigen stem, een herkenbare signatuur. Een kunstcriticus moet context en uitleg bieden maar ook een vorm van intellectueel vermaak bieden. Maar hij of zij moet bovenal kritisch zijn: alle aspecten tegen het licht houden, wegen en waarderen. Het oordeel moet met gedegen argumenten onderbouwd worden en daarbij liefst nieuwe, verrassende inzichten bevatten. Daarbij wordt idealiter de kunst verbonden aan urgente maatschappelijke thema’s, de politieke actualiteit en wat er gebeurt in de rest van het kunstenveld. In de geest van de initiator van de onderscheiding moet de winnaar van de Brutus Prijs voor Kunstkritiek bovendien eigenwijs en rebels zijn, gezegend met een passie die grenst aan het obsessieve.

De winnaar van de eerste editie van de Brutus Prijs voor Kunstkritiek voldoet aan al deze criteria. En dat terwijl Jeroen Bosch niet is opgeleid als journalist en nooit werkzaam is geweest voor een traditioneel medium. In de jaren ’90 was hij één van de bloggers van het allereerste uur, met kunst als onderwerp. In 2005 begon hij samen met Niels Post het internettijdschrift Trendbeheer. Zij verzamelden een netwerk van medewerkers om zich heen, met wie ze op vrijwel dagelijkse basis in de haarvaten van de hedendaagse kunstwereld duiken, te beginnen in Rotterdam maar al snel ook daarbuiten en zelfs internationaal.

Bosch, die filosofie gestudeerd heeft maar kunstenaar werd, speelde een tijdje met verschillende verdienmodellen. Advertenties dekten enkele jaren de kosten maar die inkomsten droogden op met de komst van social media. Bosch probeerde het een tijdje met betaalde content maar hield daar mee op omdat hij merkte dat het zijn onafhankelijkheid in de weg zat. Sindsdien financiert hij Trendbeheer geheel met eigen geld en donaties, en is zijn werk onbetaald.

Desondanks verschijnen er met ijzeren regelmaat bijdragen van Bosch op Trendbeheer: over galerietentoonstellingen, afstudeerpresentaties, bijzondere publicaties en projecten, webactiviteiten, beursbezoeken en kunstwereldnieuws. De toon is altijd kritisch maar nooit zonder onderbouwing. De teksten zijn puntig geformuleerd met zelf verzonnen maar vaak zeer rake bewoording. Een oeuvre wordt getypeerd met een bijzin waar niets meer bij hoeft, een oordeel wordt verpakt in een handvol zinnen. Die frisse toon is door de jaren heen niet onopgemerkt gebleven. Wijlen Wim de Bie, die zelf jarenlang Bieslog onderhield, was een verklaard fan. En hedendaagse platforms als Substack zijn geïnspireerd door Trendbeheers lichtend voorbeeld.

Met Jeroen Bosch kiest de jury van de Brutus Prijs voor Kunstkritiek voor een winnaar die zich heeft bewezen als een pionier die zonder noemenswaardige ondersteuning en soms tegen de klippen op zijn licht is blijven schijnen op de kunst. Een winnaar die veel kunstenaars als eerste heeft gespot en het denken en spreken over kunst heeft verrijkt met nieuw vocabulaire. Kortom, een winnaar met lef en karakter, die ongezouten en op onafhankelijke wijze zijn mening verkondigt.

De jury van de Brutus Prijs voor Kunstkritiek 2026 bestaat uit de kunstenaars Narges Mohammadi, Hester Scheurwater en Jeroen Jongeleen, museumdirecteuren Anne Kremers (Fenix Rotterdam) en Stijn Huijts (Bonnefantenmuseum Maastricht), en Kim Heinen, manager Media Relations & Public Affairs van Rotterdam Partners. De jury wordt voorgezeten door Edo Dijksterhuis, cultuurjournalist en kunstcriticus voor onder andere Het Parool, Museumtijdschrift en De Lage Landen.

Initiatiefnemer van de Brutus Prijs voor Kunstkritiek is kunstenaar Joep van Lieshout. Hij heeft geen rol in de jury.

7 Comments

  1. hahaha @niek dus precies dat ja, wat je met een euro kan doen is ook niet meer wat het geweest is…. HOWEVER leuk is het wel waardering en erkenning is hoe dan ook altijd fijn. Dan weet je toch weer even dat je niet in het luchtledige bezig bent maar er mensen zijn die (nog steeds) lezen EN het zinvol en goed vinden wat je doet, en daar is niets mis mee toch?! GOOOOO Jeroen en Niels!!
    En @hein ik vroeg me ook al af waarom het daar stond en (nog) niet hier, goed van je!

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*