Documentaire over Enric Marco, als jonge man gaat hij in de 2e wereldoorlog vrijwillig in een fabriek in Duitsland werken want daar valt goed te verdienen. Na de oorlog liegt hij een carriere als het gezicht van de Spaanse holocaust overlevenden bij elkaar (200 lezingen per jaar waaronder het Spaanse parlement). In 2005 komen z’n leugens uit en barst het schandaal los. Nu is er een documentaire over de beste man waarin hij wordt gevolgd op een reis door Duitsland op zoek naar zijn herineringen. Wat volgt zijn anderhalf uur zelfmedelijden en krampachtige leugens. Als documentaire is het een beetje rommelig en het eigenlijke verhaal is al vrij snel verteld maar het totale gebrek aan zelfkritiek van Enric Marco maakt het toch tot een fascinerende film.
Volgens het IFFR program al voorbij, volgens de regiseur ook nog te zien op 4 februari a.s. (geen idee waar).
Voor slechts € 14,95 kan je ‘m natuurlijk niet laten liggen, Beautiful Losers. De documentaire over de opkomst en ondergang van Alleged Gallery, een van de culturele smaakmakers van het New York van de jaren 90. Of hoe een kleinschalig kunstenaarsinitiatief gierend uit de klauwen kan lopen. Veel interviews met betrokkenen (o.a. Barry McGee, Steve Powers, Ed Templeton en Harmony Korine passeren de revue), is af en toe wel erg aan de sentimentele kant maar zeker een interressante aanvulling op boek 1 en boek 2.
Beetje vreemde hoes, zeker in vergelijking tot het eerdere artwork, maar dat zal wel te maken hebben met marketing voor een skateboard publiek.
Gisteravond een zaal vol kekke 3D brilletjes bij Up, de computer gerenderde animatiefilm die met het brilletje op zo uw netvlies komt binnenwandelen. Over die ene reis die je altijd hebt willen maken maar die er aan het einde van je leven nooit van gekomen is.
De helaasheid der dingen, Felix Van Groeningen, 2009
Scholieren.com schrijft over het boek van Dimitri Verhulst: “In ‘De helaasheid der dingen’ keert de schrijver terug naar zijn geboortegrond in Reetveerdegem. [..] De helaasheid der dingen is zowel een gevoelige ode aan als een hilarische afrekening met het dorp van een jeugd. Verhulst is een sterk stilist, die met veel gevoel voor timing en vertelkracht de aandacht van zijn lezers vasthoudt van de eerste tot de laatste bladzijde.” De verfilming door Van Groeningen is zodanig goed dat je het boek bijna niet meer hoeft te lezen. De kwalificatie ‘geschikt voor havo en vwo’ is hier een pré.
Twee terminale patienten, hij 28 jaar besluit haar, 14 jaar, voor het eerst in haar leven de zee te laten zien. Auto’s worden gejat, overvallen worden gepleegd, en zowel de politie als de misdaad zit achter ze aan. Road movie Japanese style: lievig, verzorgd, maar kom niet om de spanning. Sneak preview van het Camera Japan festival.
Ang Lee doet Woodstock, met een protagonist waar hollywoodproducers zichzelf vast graag in zouden willen herkennen. Keurige joodse jongen maakt de organisatie mogelijk, ontdekt dat LSD hem los kan maken van de oorlogsverleden-last van de ouders, en dat pot de ouders zelf ook een beetje kan losmaken. Heel veel feelgood over Woodstock zelf, het is aan de chinese onbevangenheid van de regisseur te danken dat het geen plaatsvervangend oorlogsdrama wordt. Je vraagt je af of dit een film waard is want Woodstock blijft wat het was: licht, luchtig en eenmalig.
Minder dialoog en slacht dan verwacht maar nog steeds een bijzonder vermakelijke zondagmiddagfilm. Inglourious Basterds, de nieuwste van Quentin Tarantino over een elite eenheid scalpenjagende joden begint fenomenaal en ook daarna valt er nog genoeg te genieten maar is geen klassieker in het rijtje Kill Bill en Pulp Fiction.
De laatste van Ken Loach (totdat hij een volgende film maakt, dan is dat de laatste van Ken Loach) zal de goedkeuring van geharnaste socialistische fans niet volledig kunnen dragen. Het lijkt wel alsof Loach de kleyne luyden in het tweede deel bedot in een sentimentele klucht met sport als opium van het volk. Eric Cantona speelt Lui Meme, de persoonlijke trainer van een depressieve postbode / Manchester fan.
Documentaire / concertregistratie van het ‘memorabele’ soul concert annex boksfestijn tussen Muhammad Ali en George Foreman, in het Zaire van Mobutu, 1974. James Brown is de Grandfather of Soul, Muhammad Ali zit op de praatstoel.
Zeer charmante Uruguayaanse Hubert-Balsfim. De reus uit de titel is een nachtwaker die warme gevoelens koestert voor de supermarktschoonmaakster op z’n bewakingcamera. Doet in de verte denken aan El Custodio, maar dan liever.
Het verhaal van het Sri-Lankese Nationale Handbalteam dat op toernooi in Duitsland ineens verdwijnt, vlak voordat de Duitse autoriteiten erachter komen dat Sri Lanka helemaal geen handbalteam heeft. Feel-good-film gebaseerd op waargebeurde feiten uit 2004, die aan begin en eind last heeft van traagheid. Grote hit in het thuisland zelf, uiteraard.
De Spaanse Alex van Warmerdam maakte een degelijke film over het maken van een film, met zijn vertrouwde muse Penélope Cruz. De film in de film had hij zelf al eerder gemaakt en zo zitten er nog wat spiegeltjes en kraaltjes in. Op een gegeven moment heb je alle slimmigheden wel gezien en had het ook een kwartiertje minder gemogen.
Sundance-alarm! Sam Mendes krijgt een slecht script en voert dat uit: een zwanger stel weet niet wat het wil en reist heel Amerika door met onder meer een Chevrolet Matiz, en zoekt naar hoe dat nou allemaal moet, met elkaar en met kind. De situaties, gezelschappen en dialogen zijn zo plat, dat iedere keer weer die onbedoelde aanzetten tot Kentucky Fried Movie-achtige sketches 5 seconden later weer om zeep worden geholpen. En dan weet je weer: dit is geen grap, maar echt gemeend. Behalve mislukt ook saai.
Keurig ingekleurd en rond post-Sarkozy-Zandgat-drama. Tijdens zijn echtscheiding leert een zwemleraar een gevluchte Iraakse Koerd zich over het Kanaal dood te zwemmen, op weg naar zijn vriendinnetje in het beloofde land London. De voormalige Franse zwemkampioen mist deze ware romatische passie node in zijn gestrande huwelijk met een vluchtelingenactiviste. Politiek correcte kraak noch smaak.
Met vaart gemaakte film (voor kinders) over de 5-jarige Sisuko die een lieflijk visprinsesje, Ponyo, ontdekt. Zij wil, net als Sisuko, ook mens worden. Het betere Japanse animatiewerk, dus voor zowel jong als oud meer dan zat te genieten.
Lievige Amerikaanse underground film is keurig gestileerd en gefotografeerd en duurt bovenal niks te lang. Wendy is een potentiële hobo, die afglijdt als ze onderweg haar hond Lucy kwijtraakt. Het einde komt na 75 minuten precies op tijd.
Japanse filmhuiskneiter: vrouw gaat op vakantie naar een strand waar niets is en dito gebeurd, een hele film lang. Gasten komen er om te “schemeren” (inclusief aanhalingstekens). De toeschouwer wordt net als de hoofdpersoon niet veel wijzer van hetgeen daaronder precies verstaan wordt. Grote flesjes bier drinken en reuzekreeften verorberen, ja, dat wel.
Wat is het toch met de Canadese film die we in de filmhuizen zien? Meer dan de helft wordt verpest door een onderlaag van pretentieuze politieke correctheid. Egoyan gaat lui mee, en koppelt een slecht uitgewerkte achtergrond van het Israelische-Arabische conflict aan een slappe Canadese familiegeschiedenis. Saai, geconstrueerd en plat.