Comrades of Time @ Project Space Tilburg

Comrades of Time is de titel van een interessante tentoonstelling in Tilburg. Het gaat ‘specifiek over de vraag naar de hernieuwde positie van de canonieke kunstvormen – schilderen, tekenen, sculptuur – in een genetwerkte en gemedieerde omgeving.’

galeriekokon.nl/?comrades-of-time,60

Josh Smith.

Palette painting (2008)

Palette painting (2009)

Gedi Sibony, Six Day Switch Back, 2009

Rachel Koolen, Self portrait in drag, 2012

(detail)

Koen Delaere, Untitled, 2012

(detail)

(detail)

Thomas I’Anson, Something mattered (2012)

(detail)

Bas van den Hurk, Untitled (# Suit 1), 2012

(detail)

Amanda Ross-Ho, Triangles and Teak Reams, 2010

(detail)

(detail)

Klara Lidén, Bodies of Society, 2006

(detail)

Deze door Bas van den Hurk samengestelde tentoonstelling stelt inderdaad vragen. Zo vraag ik me af of een ‘palet painting’ op een hagelwit canvas überhaupt wel onintentioneel gebruikt kan worden, kijk ik verbaasd (maar wel nieuwsgierig) naar de combinatie van ‘objectief’ en ‘subjectief’ materiaal (zoals de foto en de potloodstreepjes in het werk van Amanda Ross-Ho en naar de combinatie van ”ruw’ en ‘zacht’ bij Koen Delaere)  maar kan ik geen chocola maken van de video van Klara Lidén in deze context.

Maar dat zijn leuke vragen. Irritanter is voor mij de verbale saus die Van den Hurk over deze expositie uitstrooit. De relevantie van het artikel van Boris Groys – waaraan de expotitel ontleend is en dat in Tilburg wordt uitgedeeld – ontgaat me, tenzij het de kritiek op de rol van de beschouwer betreft. ‘Contemporary spectators are spectators on the move, primarily they are travellers. Contemporary vita contemplativa coincides with permanent active circulation.’ 

Deze hoogdravende maar weinigzeggende constateringen staan in scherp contrast met de toon van de kleine tentoonstellingscatalogus: ‘Wat vind je er van dat Delaere zijn manier van schilderen laat zien op zijn schilderijen?’ Wat te maken van een zin als ‘De authenticiteit van zijn werk is iets wat terugkomt in de beroemde gelijknamige basketballer “Josh Smith”‘? 

En helemaal pijnlijk is de volgende beschrijving van de Arte Povera: ‘In deze stroming werden zowel dure als waardeloze materialen gecombineerd in het maken van kunst.’  Germano Celant die dit begrip lanceerde, spreekt in zijn boek uit 1969 alleen  maar over Tiere, Gewächse und Mineralien’ en vermeldt van de laatste categorie slechts de eenvoudige als koper, zink, aarde, lood en steen (en – maar dat is voorzover ik weet nooit toegepast – uranium). Niks duur dus, povera!

Zie ook:

whatspace.nl/nieuws/comrades-of-time-works.html

comradesoftime.com/images/information.pdf (PDF!!!)

You may also like...

18 Responses

  1. Unicorn says:

    Zo, dat is duidelijk

  2. Metamorfose says:

    Mij bekroop hetzelfde gevoel na een bezoek aan de expo, waarin het pseudo-intellektuele sausje dat vd hurk over de inhoudelijke tentoonstelling meende te moeten gieten erg vergezocht en daardoor ongeloofwaardig is of wordt.

  3. k says:

    beetje zure reacties dit. uiteraard je hebt lovers en haters , maar ik vind de tekst van bvdh niet erg ingewikkeld. voor de goede verstaander neemt deze een standpunt in over kameraadschap en actualiteit. de toon kan de jouwe niet zijn , maar het statement is daardoor niet minder waardevol.

  4. david says:

    lovers zijn er ook! keep up the good work comrade

  5. Metamorfose says:

    K: Wat ik wilde aangeven is dat ik de combinatie van de tekst van Groys en de tentoonstelling wat vergezocht vind, waardoor de afstand tot mij als toeschouwer (te) groot wordt.

  6. en says:

    Celant heeft de stroming een naam gegeven, betekent dat dan ook dat hij de regels voor schrijft van wat er wel en niet toe behoort? Kijk onder andere eens naar Luciano Fabro, marmer en goud zijn geen onbekende materialen voor hem..

  7. gj says:

    “Though considered a father of the loose collection of artists grouped under the Arte Povera name, Mr. Fabro was often at odds with the movement’s prevailing aesthetics, saying in one interview that he felt like the “heretic of the Arte Povera church.”

    New York Times, 3 juli 2007

  8. KK says:

    Moeilijk doen met teksten wordt gezien als een probaat middel om gebrek aan kwaliteit te maskeren en daarnaast kan het worden ingezet om fondsen te paaien. Made by Mondriaan: dat lukt je niet zomaar, daar moet je wel iets voor doen. Zegt verder niets over de kwaliteit van het werk en/of de tentoonstelling. Hooguit over inzet en centjes verdienen. Ziet er goed/spannend/doordacht uit.

  9. isis says:

    ‘moeilijke teksten’ zijn niet zo populair in het huidige tijdsgewricht en als je mondriaansubsidie krijgt ben je kennelijk verdacht. ga gewoon zelf kijken naar deze bijzondere expo

  10. Unicorn says:

    Het ging er toch niet om dat de teksten moeilijk waren, volgens de schrijver waren ze niet helemaal correct onderbouwd. En ook dat moet kunnen in het ‘huidige tijdsgewricht’ met of zonder Mondriaan subsidie.

  11. david says:

    verbale moeilijke pijnlijke saus uitgestrooid etc. enz. usw. het is wellicht interessanter om op de inhoud in te gaan en de getoonde werken. vlgns vd hurk kunnen canonieke vormen net zo hedendaags zijn als timebased arts en is het belangrijker om hedendaags te zijn ipv. actueel. verder houdt hij een pleidooi voor kameraadschap. slaagt hij met deze tentoonstelling in zijn opzet? een andere voorstel dat hij poneert is dat we het modernisme dienen te heroverwegen. waarom?
    kom er maar in unicorn

  12. gj says:

    De door mij veroorzaakte discussie over ‘Comrades of Time’ heeft de nodige emoties veroorzaakt. Dat hoort bij discussie en kritiek. Ik kan mijn aversie tegen auteurs als Groys, die in mijn ogen veel woorden gebruiken maar weinig zeggen, nu eenmaal moeilijk onderdrukken. Ik ben van mening dat beeldende kunst zijn boodschap toont en niet echt in woorden te vatten is.
    Daarbij komt dat Groys’ ’Comrades of Time’ simpelweg een vertaling is van het Duitse ‘Zeitgenossen’ en dus geldt voor ons allemaal. Maar voor hem blijkt uiteindelijk alleen time-based art een ’comrade of time’ omdat het het verschil tussen vita activa en vita contemplativa opheft.
    Trouwens, zijn afkeer tegen immobiele en passieve canonieke kunst kan ik in zijn artikel niet terugvinden. Maar natuurlijk mogen en moeten alle vormen van kunst altijd geanalyseerd en heroverwogen worden omdat ook niet-contemporaine kunst uitermate ‘actueel’ kan zijn en modernisme soms behoorlijk ouderwets. En evenzeer is het juist dat kunstenaars en kunstminnenden zeker in deze populistische periode solidair en kameraadschappelijk moeten zijn. Maar sinds wanneer zijn kameraadschap en kritiek vijanden?
    Op de door mij genoemde ‘leuke vragen’ is niemand ingegaan, evenmin als op mijn steen des aanstoots: de kleine tentoonstellingscatalogus. Toch was dat het doel van mijn betoog evenals het aandacht vestigen op deze expositie die mijn reis naar Tilburg zeker waard was. Juist vanwege het brede scala van emoties die het bij me teweegbracht: van bewondering, van verwondering maar ook van kritiek.

  13. david says:

    waarvoor hulde

  14. k says:

    … voor wie er maar geen genoeg van kan krijgen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *