Kasplantjes beleid

Oproep: Volkskoerant, zet het discussiestuk van Rutger Pontzen online!

In de kunstbijlage tien stellingen van Rutger Pontzen over kunstsubsidiëring en kunstbeleid.

“7 Haal de subsidies weg, en het wordt duidelijk wat de ware betekenis van de Nederlandse kunst internationaal is: nul, niente, nada, zero. Gesubsidieerde kunst slaat namelijk een traject over. Het lanceert een beginnende kunstenaar direct de grote kunstwereld in.”

“Zonder dat hij beseft dat zijn status en bekendheid alleen is gebaseerd op een systeem dat ook voor een belangrijk deel van overheidsgeld afhankelijk is. Een succesvolle presentatie op een internationale kunstbeurs of een buitenlandse tentoonstelling is grotendeels afhankelijk van Nederlands subsidiegeld, waarmee de transportkosten, verblijfkosten en een plaatsje op de beursvloer worden betaald. De Nederlandse kunst doet zich daardoor voor als een reus – op lemen subsidievoeten. Het is een schijnwereld met schijnsucces en schijnaandacht.”

Uit de kunstbijlage van de Volkskrant van 16 mei.

Jeroen Bosch
About Jeroen Bosch 4806 Articles
Smaakmakend sinds jaar en dag: onafhankelijk kunstenaar, tentoonstellingmaker, trendbeheerder en oprichter art agent orange, artist run art agency. Eigen werk onder jeroenbosch.com Meer info zie trendbeheer.com/jeroen-bosch

50 Comments

  1. Hollanders zijn kruideniers. Hoeveel millionairs of grote bedrijven uit bv de USA, Korea, China betalen de hele mikmak voor bepaalde kunstenaars? Sterker nog, ze kopen een hele beurs, zomaar, cash. En dan mag jij ook nog medoen tegen kostprijs. Alleen om hun relaties te kunnen ontvangen en op te kunnen scheppen op hun jachten in de caribiën. So What? http://www.youtube.com/watch?v=P4TbrgIdm0E

  2. Jammer inderdaad dat het stuk nergens te lezen is voor niet leden van die krant.

  3. “Het is een schijnwereld met schijnsucces en schijnaandacht.” -aldus Pontzen, al jarenlang kunstrecensent bij de Trouw en aldus mede-verantwoordelijk voor al die zogenaamde schijnaandacht.
    – Nee, heel dapper van Pontzen om de aanval op het subsdiesysteem op die manier te openen. En heel slim van Ter Braak en Luiten om deze reactie niet te voorzien.

    Geen van driën worden zij hier slechter van (hun inkomen is safe), enkel de kunstenaars in Nederland, op wie het nu ongestraft prijsschieten is.

  4. “heel dapper van…”

    Nee hoor, juist prima. Leest het hele stuk en reageer zou ik zeggen. er zit nogal wat in.

    En het zijn alleen de kunstenaars als ambtenaar die nu slecht belicht worden mrs deane.

  5. De BKR, dat was nog eens een tijd. Kunstenaars hadden een huis met hypotheek, een atelier, een kampeerauto en ze gingen zomaar 4 weken door Frankrijk toeren! O ja, ze moesten 4 keer per jaar een werkje inleveren, dat dan weer wel ;-)

  6. JB,
    wat ik bedoel te zeggen is dat ik het nogal opportunistisch vind van Pontzen om nu met zo’n stuk te komen terwijl iedereen weet dat deze beweging al jaren in de lucht hing. Of hij gelijk heeft of niet, is een tweede, en ja, daarvoor moet ik het stuk lezen.

    Op mij komt zo’n actie over als een verre echo uit de nasleep van WO2. Iederéén had opeens bij het verzet gezeten en niemand had stilzwijgend doorgeleefd onder de bezetter. Met de wind meegaan is een oer-trek van een zeevarende natie als de onze.

    Verder: dit openlijk prijsschieten op kunstenaars is wel degelijk schadelijk voor de beroepsgroep in zijn geheel. Het grote publiek maakt namelijk überhaupt geen onderscheid tussen wel of niet gesubsidieerde kunstenaars. Zie de reacties op geenstijl, waar kunstenaar synoniem lijkt met werkschuw tuig dat van andermans centen leeft.

  7. “Verder: dit openlijk prijsschieten op kunstenaars is wel degelijk schadelijk voor de beroepsgroep in zijn geheel.”

    Onzin. Alsof gekrakeel binnen het vakgebied niet naarbuiten mag komen. En dat iemand dat pas later verkondigt: voortschrijdend inzicht heet dat. (Voor hemzelf, of voor de lezers.)

    Waarom ben je bang voor het grote publiek?

  8. “En dat iemand dat pas later verkondigt: voortschrijdend inzicht heet dat.” – voortschrijdend inzicht is een fijn politieke term die altijd met enige ironie bezien en gebezigd zou moeten worden.

    Voor het ‘grote publiek’ ben ik niet bang. Wel denk ik dat je moet oppassen met bloedsporen neerleggen voor de meute wolven. Homo hominem lupus.

    Het kunstenaarschap heeft door het overheidsbeleid dat uit een verkapt soort liefdadigheid kunstenaars ondersteunde, al genoeg schade geleden in Nederland. In andere landen wordt wel anders tegen kunstenaars aangekeken. Het kan dus ook anders.

  9. Maar zeg je nu dat subsidies schadelijk zijn voor de kunst? En dat het ook anders kan?

    (Dat van die wolven snap ik niet.)

  10. Subsidies zijn niet per se schadelijk voor de kunst. Ook in de VS wordt de kunst zwaar gesubsidieerd, zij het indirect via belastingaftrek voor donateurs. Waar ik problemen mee heb, is de achterliggende motivatie. Kunstenaars subsidiëren uit paternaliserende motiven vind ik geen goed idee, vooral omdat het de ontvangers bestempelt tot iets wat ze niet zijn. Dat men het subsidiestelsel in een ander (economisch) licht wil bezien en daarover een discussie wil starten, vind ik positief. Ik ben dus niet voor behoud van de geest waarin het huidig stelsel ingebed is. Wel vind ik dat je vraagtekens moet mogen zetten bij de manier waarop de discussie nu gevoerd wordt (niet al te zakelijk) en de consequenties die daaraan direct verbonden worden. ‘Instituten’ geld geven ipv indivuduele kunstenaars, daarmee institutionaliseer je de kunst nog meer. De kunst zelf wordt daar ook niet beter van. Marktwerking vragen in de kunst moet mogelijk zijn, maar los dan ook de problemen op die er zijn met de bestaande markt. Die is bepaald niet transparant en doortrokken van een zelfde soort ons-kent-ons mentaliteit. Als van kunstenaars wordt verwacht dat ze ‘concureren op een vrije markt’, vind ik ook dat wij als ‘creatieve ondernemers’ mogen eisen dat die markt daadwerkelijk open gaat en dat dezelfde eisen gelden als voor elke andere markt. Zolang dat niet wordt aangepakt, blijf ik kritisch en zie ik het huidige ‘gekrakeel’ zoals jij dat noemt als een hoop geschreeuw die de aandacht afleidt van wat er gaande is, namelijk ordinaire bezuinigingen onder het mom van vernieuwing. (Zo, en nu maar hopen dat ik niet weer verkeerd begrepen wordt door de heren trendbeheerders).

  11. Willekeurige opmerkingen:

    – Bezuinigingen gaat altijd over een (overheids-)budget.

    – Vrije markt is ‘vrij’, dus zonder geld van de overheid.

    – Ons-kent-ons mentaliteit: tsja, die heb je in meer vakgebieden. (Bouwfraude, anyone?)

    Waar het uiteindelijk op uit moet komen, daar heb ik niet zo’n mening over. Misschien moeten niet al die kunstenkaternen volgekrast, maar moet er gewoon aangifte gedaan worden bij de NMa?

  12. – Vrije markt is ‘vrij’, dus zonder geld van de overheid. (Uhm, wel eens gehoord van landbouwsubsidies? En zo heb je nog wel meer van die subsidies binnen de zogenaamde vrije markt. Bovendien is de vrijheid van de markt een fabel waarin alleen grotere ondernemingen in geloven. Zie ook het werk van Oliver Ressler…)

    – Ons-kent-ons mentaliteit: tsja, die heb je in meer vakgebieden. (Bouwfraude, anyone?) (en ook daar grijpt de overheid terecht in al moeten klokkeluiders daar lang om zeuren).

    Nu ja, aangifte bij de NMa gaat misschien wat ver. Maar een punt is wel dat kunstenaars geen lobby hebben noch een vakbond. Staken is verder geen optie voor kunstenaars. Ik zie het al voor me. Alle kunstenaars staken en zie, er het openbare leven gaat gewoon door. Wat een grap.

    Kortom, het is erg makkelijk om over de hoofden van deze beroepsgroep besluiten te nemen die de leden van deze groep treffen. Zelfs de boeren in Nederland gaat het protesteren nog beter af dan al die zogenaamd vrijgevochten kunstenaars. Eerlijk gezegd verbaasd mij die oorverdovende stilte uit het veld der collega’s nogal. Of moet ik daaruit afleiden dat er vooral veel bijval is voor de nieuwe plannen?

  13. Plannen of plennen
    In twee delen.

    Vandaag kreeg ik toevallig de bijlage in handen die de stellingen van Rutger Pontzen semi-publiek maakt.
    Naast natuurlijk het feit dat de Volkskrant zich hier van half werk bediend -het stuk is namenlijk slechts voor VK-abbonees te lezen- en ik graag had gezien dat Rutger Pontzen er bij de VK op aangedrongen had zijn boodschap ook op internet te publiceren, moet ik zeggen dat het stuk enerzijds een kernprobleem raakt (namenlijk dat de bedieners van de waterpomp er zelf het meest uit drinken) maar daarnaast ook een fraaie danwel minder fraaie afspiegeling is van het netwerk die het aangelegde subsidieparkje is.
    Zoals opdrachten voor musea-nieuwbouw doorgaans naar architectenburo Benthem Crouwel gaan, de interessantere fotografieopdrachten naar Volkskrant- NRC- of agentschapfotografen, Frans Bromet en dochters het grootste deel van het documentairebudget bij de publieke omroep opsnoept -de publieke omroep die inmiddels ook verworden is tot een hypefabriek sinds de komst van De wereld draait door en NPS-Arena- zo kan men er vergif op innemen dat men zich ook in de ‘hogere’ kunstensector van bepaalde voorkeursbehandelingen bedient die gebaseerd zijn op wederzijds geleverde diensten en/of genoegens.
    Een goed recent voorbeeld daarvan is te vinden in de door het Nederlands Foto Museum georganiseerde expositie Dutch Delight in Australie waar helemaal geen kritisch geluid gehoord wordt vanuit de betrokkenen ‘vakgroep’.

    Dit alles zou zonder het huidige subsidiestelsel enigzins laakbaar zijn, aangezien het dan voor een ieder duidelijk is dat het gaat om entrepeneursschap en men zich dan als zakenman cq vrouw heeft bewezen.
    Nu echter kan het voorkomen dat een docentschap aan laten we zeggen het Rietveld een dusdanig machtige positie oplevert in het veld der zogeheten ‘experts’ dat wanneer men deze of gene ook maar het minst in zijn harnas jaagt, de veldslag in het voordeel van de subsidiekraandraaier wordt beslist.
    Debat – zoals blijkt uit het deze week verschenen rapport van Orhan Kaya – wordt uit de weg gegaan. En als het al gevoerd wordt dan is het vaak onder mensen die elkaar goed kennen en zo voorzichtig met elkaar omgaan dat men zijn of haar eigen positie niet in gevaar brengt.

    Ook het fotofestival Naarden, met zijn thema ‘Emoticon’, komt beslist in aanmerking voor het predikaat grootste ons-kent-ons mentaliteit.
    Maar als je je daarover echt en oprecht opwind wordt dezelfde emotie gezien als een bedreiging die zeer onwenselijk is.
    In plaats daarvan wordt de ene na de andere fotograaf aangekondigd als nieuwe belofte en kan ik mij – het spijt mij zeer – niet onttrekken aan de indruk dat er nogal zeer selectief door een kleine groep zogeheten ‘experts’ een tamelijk ongevaarlijke dame of heer die zich de aandacht begrijpelijk laat welgevallen.

  14. (in veel delen)

    Zoals ik onlangs op Photoq.nl een bericht las over een fotograaf die door de NYTimes steevast ‘Mr’ wordt genoemd (Mr. McGinley ) en waarover een galeriehouder zegt:

    “I saw something more casual, immediate and sincere,” Mr. Connelly said about Mr. McGinley’s work. “One picture, of the bicycle taken from above, stuck in my mind. I wanted to put it in the show.”

    Zo word in New York dus met een nogal obligaat plaatje (van een fiets) een nieuwe ‘kunstenaar’ gelanceerd die vervolgens met een budget van 100.000(!) dollar drie maanden met een stel vrienden nieuw werk kan maken.
    Hier in Nederland wordt dat nieuws zonder enig commentaar overgenomen.
    En we zien het werk waarschijnlijk over 2 jaren binnen de vestingmuren van Naarden hangen.

    Zie http://www.nytimes.com/2007/05/06/arts/design/06geft.html?ex=1179633600&en=df4edb305271975e&ei=5070

    Maar als sentimenteel rotjong, kritische vragensteller, onprofessioneel debater, brutale hond, laagvliegende vogel of linkse rakker met misschien wel een crimineel smoelwerk, wordt je in Nederland ‘professioneel’ wel vergeten indien je iemand vanwege je hartstocht misschien wel eens beledigd hebt.
    Wat ik vast weleens gedaan heb. Bij deze mijn excuses.
    Het ging mij niet om de persoon an sich maar om de zaak.

  15. Het gaat mij te ver om nu het hele stuk van Rutger Pontzen integraal over te tikken.
    Dat lijkt mij meer een werkje voor de VK zelf.
    Wel heeft het mij altijd verbaasd dat er waarschijnlijk meer mensen geld verdienen door de kunst dan met met het maken ervan.
    Wat dat betreft is het net het bedrijfsleven.
    En dat de subsidievoorziening een ongelijke marktwerking veroorzaakt, dat dient een ieder die zichzelf als waarachtig kunstliefhebber danwel hartstochtelijk en gedreven kunstenaar beschouwd zeer goed te beseffen. Om er vervolgens ook -indien bij machte- tegen in het verweer te komen en te handelen in de aard van de schone kunsten.
    Vooralsnog is een ieder die vandaag of morgen met een gratis glaasje champagne in zijn of haar hand een tentoonstellinkje of openingetje bezoekt zonder ervoor te hebben hoeven knokken of over te twijfelen meedeschuldig aan het instandhouden van het subsidieklimaat dat Nederland kent.
    Het is mede vanwege die twijfel dat ik de afgelopen 8 jaar geen subsidieaanvraag meer heb ingediend.
    En ik kom er nu pas achter (noem het voortschrijdend inzicht) dat ik juist door die twijfel aan zekerheid heb gewonnen.
    Merkwaardig. Dat van deze ‘beroepsgroep’ ; de schrijvers, de cineasten, de beeldhouwers, de fotografen, de theatermakers, de acteurs wordt verwacht hun onzekerheden met een ieder te delen terwijl ik nog nooit een museumdirecteur, tentoonstellingsmaker of curator op enige twijfel over een georganiseerde tentoonstelling of ‘show’ heb kunnen betrappen.
    Zijn deze mensen dan echt zoveel onfeilbaarder of deskundiger dan ik ?
    Dat ik niet kan beoordelen wat het belang van een werk of geleverde bijdrage zou kunnen zijn ? Wat de betekenis ervan zou kunnen zijn ?

    Wat Pontzen stelt, dat de Nederlandse kunstwereld er een is van schijn, met schijnsucces en schijnaandacht, is iets wat in het publieke leven voor de meeste mensen geldt en voldoende blijkt te zijn om een bestaan omheen te bouwen.
    De werkelijke wereld heeft doorgaans niets met kunst te maken.
    Kunst is een luxeproduct geworden dat met marketingtools en efficiente en geldverslindende publiekscampagnes voor slechts een zeer exclusief deel van de bevolking wat extra genoegen brengt. Veelal in de vorm van feestjes en gratis glaasjes champagne.
    Echt zinvolle bestedingen van tijd die het hart daadwerkelijk sterken zijn de natuur in trekken, liefdadigheid, medemenselijkheid, tolerantie en verdraagzaamheid, wederzijds begrip en
    Tegen elke ongelijkheid in behandeling komt de mens uiteindelijk in verweer.
    ‘You can fool some people sometime, but you can’t fool all the people all the time’
    Zo schreef Bob Dylan decennia geleden al.
    Niet zo vreemd dat de meeste mensen de Beeldende kunst in Nederland niet meer serieus nemen.

  16. Als ‘kunstenaar’ heb je drie keuzes:

    1) je laat je omarmen door de grotendeels opportunistische kunstwereld.
    2) je gaat je eigen gang aangezien de omarming je uiteindelijk in ongewenste klauwen doet belanden
    3) je maakt een einde aan je leven.

    De laatste twee keuzes zijn het moelijkst.
    De laatste het meest drastisch.

    Ook ik heb mij ooit laten verleiden door geld. Zelfs in een fase dat het geen eerste levensbehoefte was. Zo stelde ik mijn capaciteiten ten dienste van commerciele organisaties. En ten dienste van mijn eigen comfort tegelijkertijd.
    Nochthans zijn het tot nogtoe slechts mijn vrienden en familie geweest die mij in mijn pogingen gesteund hebben. Vanuit de zogenaamde ‘professionele’ hoek is mij in het meest gunstige geval slechts een keukenladdertje uitgeleend.
    Tegen een huurprijs dan wel.
    Maar niet getreurd. Ik zeg mijn zegje en wil niemand aansporen dat ook te doen indien zij zich er niet gemakkelijk bij voelen.
    Geen emo-tv alsjeblieft. Maar gewoon een helder en duidelijk antwoord op een vraag zou voldoende zijn.

    En er zijn genoeg mensen die het niet slecht hebben, hier in Nederland, maar die met een klein beetje meer financiele mogelijkheden wel hun plannen dromen en wensen zouden kunnen verwezenlijken.
    Als ik lees dat er meer geld naar musea zou moeten gaan, vraag ik mij af of de werkelijk interesse van de zogeheten culturele elite van Nederland nu bestaat uit
    de hoogte van uitgekeerde gelden in plaats van uit interesse voor sociaal-maatschappelijke vraagstukken en oprechte gevoelens voor schoonheid en de waarde die dat vertegenwoordigt.
    Als ik lees dat de ING de Postbank wil laten verdwijnen tesamen met 2500 banen en dat 890 miljoen euro gaat kosten hoef ik geen pluim als rekenwonder dat per afgevloeide werknemer dat driehonderdzesenvijfigduizend euro gaat kosten.
    De Mondriaanstichting heeft een dikke 20 miljoen te verdelen.
    De verbouwing van Las Palmas tot fotomuseum heeft 23 miljoen gekost.
    Waar praten we over ?
    Over economie.

  17. Er is vaak tegen mij gezegd; je kunt er wel tegen in verweer komen, maar in de tussentijd zitten al die mensen die de boel bestieren wel op rozen. Terwijl jij op een houtje bijt.
    Ik heb vaak gedacht; als je niet voor jezelf kunt opkomen, kun je het ook niet voor een ander.
    Getuige de krampachtige wijze waarop de kunstwereld met kritiek omgaat; geen reacties uit het veld, een boze museumdirecteur uit Den Haag, geen stellingname, geen enkel teken van interesse vanuit de instellingen, slechts een handjevol uitingen van solidariteit van vakbroeders, een enkele criticus die zaken durft aan te kaarten, belachelijk gemaakt worden door het buitenland maar toch doorgaan met het presenteren van package-deal tentoonstellingen.
    Dan denk ik; het zal zijn tijd wel duren voordat de klad die erin zit zijn fatale uitwerking heeft.
    Maar de grootste vraag is momenteel wel; is dat dan nu ?
    Hoeveel vrijheid moet men wensen om een regime omver te werpen ?
    De hoeveelheid dubieuze connecties is legio, maar er zijn teveel mensen van afhankelijk.
    Ik val de mensen die ervan afhankelijk zijn niet aan op hun persoon, ik beklaag het systeem dat hen afhankelijk maakt.
    Fanatiek en met gevoel voor drama omdat dat nu eenmaal in de aard der mensen is.
    Zoals de brandgrens tijdelijk wordt geprojecteerd op een wolkenlucht of permenant gaat worden weergegeven in LED-verlichting met een beeltenis van Jan Gat in een brandhaard. Zoals de geruchten angstvallig doen vermoeden…

    Kortom; het is ernst maar niet zonder te lachen.
    Dat iemand zichzelf in zijn hemd zet valt te prijzen.
    En mij is ook vanalles verwijtbaar. Uiteraard.
    Maar dat gedraai om de hete brij is aanzienlijk beter te analyseren dan de kunst zelf.
    En dat is maar goed ook.
    Al die adviezen die tegenwoordig gegeven worden om een succesvol kunstenaar te worden, daaar hoort waarschijnlijk ook bij het advies om zoveel mogelijk je mond te houden. Omdat iedereen een ‘mening’ heeft en dat zelfs in de kranten ter discussie gesteld wordt.
    Hoe paradoxaal kan men het leven leven.

    Dus, bij deze, om het samen te vatten.
    Rutger Pontzen: 5 punten voor lef, 8 punten voor de samenvatting, eveneens 8 punten voor opportunisme, en vooralsnog 1 punt voor de doeltreffendheid.

    Laten we als ‘kunstenaars’ en/of betrokkenen de museumcuratoren, galeristen en curatoren eens gaan beoordelen in plaats van andersom.

    Met groet,

    Rogier

    P.S. Ik doe niet zo aan her- her- en wederherlezing van ingezonden stukken.
    Het zij mij hopelijk vergeven.

  18. “Laten we als ‘kunstenaars’ en/of betrokkenen de museumcuratoren, galeristen en curatoren eens gaan beoordelen in plaats van andersom.”

    Ha, wat een goed idee. Ik stel voor dat we een Michelin-gids maken, compleet met mystery guests die op bezoek komen of een portfolio of plan ter beoordeling voorleggen. Waardering aan de hand van een vast checklist (sturen wel of niet dia’s terug, hebben wel of geen tijd, kijken binnen de minuut op vanachter de balie en werpen dan geen verveelde maar een belangstellende blik op de bezoeker, spreken meerdere talen, hebben enige notie van de kunstgeschiedenis ipv alleen een eigen smaak, kunnen werk binnen een ontwikkeling zien en daar fatsoenlijk over schrijven, zijn bereid net zo veel overuren te besteden als jij, etc. etc.).

    – In ieder geval blij dat de stilte niet meer zó oorverdovend is gebleven.

  19. Zeker Wompel, aanzienlijk.
    En Mrs. Dean: Goed voorstel, subsidie voor aanvragen ?
    En ik vraag mij al lange tijd af op welke politieke partij bovengenoemde betrokkenen nu eigenlijk stemmen.
    Misschien een kleine anonieme enquete bijvoegen ?

  20. “En Mrs. Dean: Goed voorstel, subsidie voor aanvragen ?” – Nee, natuurlijk een instelling voor oprichten waar dan hopen ‘geoormerkt geld’ heen kan stromen…

    Stemmen? Waarom is dat relevant in deze kwestie? Heb jij ooit een partijprogramma gelezen waarin met enige visie dan wel passie over beeldende kunst gesproken werd? Passages over kunst staan erin omdat dat nu eenmaal moet. Immers, er is een ministerpost voor te vergeven, dus dan zul je ook beleid moeten hebben voor dat terrein. Maar verder…?

  21. En verder ?
    zullen we toch even moeten afwachten wie op welke manier welke bezem gaat hanteren.
    Wat ik niet begrijp is dat er ook nu weer een ongetwijfeld gesubsidieerde publicatie verschijnt waar je 17 euro 50 voor moet neertellen.
    Waarom niet alle commentaren en ideeen van betrokkenen op internet gezet ? Had nogal wat drukwerkkosten bespaard en wellicht een echt debat opgeleverd waar dan eventueel, na ampel overweging, de beste ideeen en bijdragen in een paperbackje zouden kunnen worden gepubliceerd.

    Verder pleit ik voor meer transparantie in de subsidie- en museumwereld.
    Zodat er geen NMa onderzoek nodig zal zijn.
    Want wie vervult nu welke functies en met welk resultaat ? En met behulp van welke sponsoren ?
    Nu profiteren veel grote bedrijven mede van overheidssubsidies. Grote bedrijven die populaire tentoonstellingen sponsoren, in plaats van hun tarieven voor hun klanten te verlagen.
    De grote kunstinstellingen zitten daarmee in de tang van de financiele afhankelijkheid. Of – zoals Lex ter Braak het noemt – de tweede houdgreep.
    En is resultaat hetzelfde als bezoekersaantallen ?
    Dat lijkt mij namenlijk net iets te makkelijk om een koers te rechtvaardigen.
    Indien grote bedrijven zo geinteresseerd zijn in kunst, laat ze dan eenvoudigweg meer belasting betalen of zelf proactief individuele kunstenaars benaderen.
    Nu kan het bijvoorbeeld zo zijn dat in ruil voor sponsoring het Foam (Amsterdam) in het T-Mobile hoofdkantoor een tentoonstelling inricht met werken die van het SBK (Amsterdam. En ook sponsor van het Foam) betrokken worden. Het SBK waar je al je werk wel aan kwijt lijkt te kunnen.
    Mits je het kunt betalen.

    Zo onstaat er zelfs in de kunst oneerlijke concurrentie.
    Zoals ook bedrijfscollecties worden opgevuld aan de hand van lijstjes die door medewerkers van met overheidsgeld gesubsidieerde instellingen worden doorgespeeld.
    Wie o wie in de kunstsector beschouwt een dergelijke situatie eigenlijk echt wenselijk ?

  22. –aha, en dan hebben we het nog niet eens gehad over bedrijven die kunstwerken van musea lenen in ruil voor sponsoring, kunstwerken die voor openbaar kunstbezit zijn verworven en nu bij private ondernemingen de hal opsieren.

    Kortom, als je gaat graven in deze put zul je veel modder tegenkomen en maar weinig goud.

  23. Insinuaties en suggesties Galore! Oproep aan journalisten? Begin zelf een onderzoek. Is echt niet zo ingewikkeld. Situatie is transparanter dan de gemiddelde misantroop denkt: websites MS, FBKVB (en vooruit Stroom, en bij deze, Adviescommissie PRO subsidies is Tiong Ang, Martina Florians, Roos Gortzak, André Kruysen, Ewoud van Rijn, Minke Themans, Tineke van Veen), jaarverslagen, periodieke berichten FBKVB, media, etc. voor commissieleden, hun achtergronden, gehonoreerden. Eventueel de burgerlijke stand voor verdachtmakingen in de relationele sfeer. Met bescheiden inzet kun je al je wantrouwen voeden, hetzij opgelucht ademhalen. Afhankelijk van je gemoed. En met een beetje meer inzet heb je de boel scherp in beeld en ligt er stof voor een vlijmscherpe ingezonden brief naar Pontzen, Ter Braak, Trendbeheer, MATTHIJS.

  24. Arno, ik neem het in overweging, maar dat zijn zo snel even al een stuk of 10 uitvoerige interviews en ook niet direct de meest ‘verdachte’.
    Het onderzoek in de archieven van de burgerlijke stand daarbij nog buiten beschouwing gelaten. (Liever)
    Ik zou het graag doen hoor; -ook voor mijn eigen gemoedsrust- met een memorecorder een aantal uitspraken correct citeerbaar vastleggen.
    Al dacht ik zelf meer aan het ‘GEM’, het NFM, de organisatie van de Prix de Rome, het Leids prentenkabinet en het FOAM. Soms.
    Met de kapitalen MATTHIJS duidt je op de heer van Nieuwkerk neem ik aan ?
    Bovendien; met al die kunstkaternen in kranten zou je vanuit die hoek toch ook weleens een kritische doorlichting verwachten ?
    Maar bedankt voor de suggestie iig.
    Grt.

  25. Zoals een (anonieme) clochard eens zei over de baquette die uit Marcel Duchamps boodschappentas was gevallen:

    Merde!
    This is pretty poor art but it tastes very good!

  26. Hee Mrs Deane,

    Doe mij eens dat verslag van die expertmeeting van jouw?
    (niet langer online maar opvraagbaar= dus bij deze opgevraagd)
    Dank alvast.
    Het is voor bij de koffie morgen.

    groet.

  27. P.S. zoals Joost belinfante ooit zong: ik heb het geweten maar ik ben het vergeten.

  28. Expertmeeting van het Fonds staat inmiddels -met dank aan de Raad voor Cultuur- online bij kunstsubsidiedebat.nl, incluis betoog Jeroen Boomgaard op aparte page.

  29. Tjee, wat een discussie..
    Waarom kan ik dergelijke discussies niet vinden over het waarschijnlijk wegbezuinigen van de kunstkoopregeling…? Ideale subsidie: Je moet eerst als kunstenaar succes tonen in het echie…Kost de maatschappij ook maar 800.000 euri per jaar en brengt miljoenen meer op aan het andere eind.

  30. Ja, het is ook pijnlijk dat op diverse momenten in Second Opinion juist de kunstkoopregeling als voorbeeld genoemd wordt van subsidies die wél werken.

  31. Het zou misschien goed zijn als alle subsidienten in het geval van commercieel succes een deel van hun opgestreken winsten weer beschikbaar zouden stellen aan de beeldende kunst.
    Op die manier kun je ook een hoop bezuinigen zonder dat je de noodzaak om nieuw werk te maken wegneemt.
    Momenteel zijn er maar een aantal partijen gebaat bij de subsidies en de daarna welgeslaagde missie om de (kunst)markt te veroveren; de kunstenaar, de galeriehouder en de veilinghuizen.
    Niet raar dat de gemiddelde Nederlander(belastingbetaler) er met een scheef oog naar kijkt.
    Want wie geeft de gewone sterveling een zak geld, naar eigen inzicht te gebruiken als investering of iets anders-naar believen-, zonder dat hij er ooit een cent van terug hoeft te betalen?

    Kunstenaars die helemaal geen subsidie meer nodig hebben om werk te verkopen of mensen die maar 1 of 2 ‘werken’ per jaar produceren gefinancierd met overheidsgeld, daarvan zou wellicht de gift omgezet kunnen worden in een lening, zoals bijvoorbeeld het materiaalfonds renteloze leningen verstrekt.

  32. “opgestreken winsten weer beschikbaar zouden stellen”

    Dat heet belasting betalen.

    “wie geeft de gewone sterveling een zak geld”

    Het is de overheid! (Hypotheekrenteaftrek, kinderbijslag, huursubsidie etc etc) Doch om binnen het subsidieverhaal te blijven: het totale bedrag dat aan de kunsten opgeserveerd wordt is verwaarloosbaar klein vergeleken met economische subsidies, van boer tot kpn.

    Second Opinion gaat over de mogelijkheiden van een herijking van het kunstsubsidiestelsel, niet over de scheve ogen van de gemiddelde Nederlandse belastingbetaler.

    Niet op kunstsubsidiedebat.nl maar de enige interessante toevoeging van een kunstenaar binnen de discussie tot op heden is van Q S Serafijn, gepubliceerd in kantlijn, kunstpodium voor de zuidelijke nederlanden. (Niet online, tekst wordt nog opgesnord)

  33. “Niet op kunstsubsidiedebat.nl maar de enige interessante toevoeging van een kunstenaar binnen de discussie tot op heden..”

    Bescheidenheidshalve én beleefdheidshalve zou het aardig zijn geweest als je had gezegd: ‘volgens mij de enige interessante toevoeging’.
    Wie weet heb je gelijk, en is het inderdaad een interessante toevoeging, maar dat moet nog worden bezien.

    Overigens, je zou kunnen overwegen de tekst dan wel als papieren kopie dan wel als digitekst op te sturen naar Jerome Symons. Ik denk dat hij daar zeker blij mee zal zijn.

  34. Ik weet het niet hoor JB.
    Ik vond het wel een goed idee om een ‘pot’ te maken.
    ‘Voor kunstenaars door kunstenaars’.
    Zo iets zeg maar.
    Het zou in ieder geval een aardige geste zijn van de groep welgestelde kunstenaars die ons land rijk is om zo a) hun dankbaarheid te tonen voor de (al dan niet terecht) genoten steun en b) hun werkelijke betrokkenheid met het ‘klimaat’ te tonen en de plannen die nu op tafel dreigen te komen te liggen alvast zelf met een ferme daad van tafel te vegen.

    Als al die driehonderzoveel kunstenaars in plaats van een brief te ondertekenen omdat zij hun inkomsten dreigen te verliezen, waarna dan weer een debat volgt ( en nog 1 en nog 1 en nog 1), als al die kunstenaars zich zo’n zorgen maken over de toekomst van de kunst in Nederland (of om hun kunst?) dan zou het wellicht beter zijn, in ieder geval van meer inventiviteit en getuigen, hadden ze zelf een plan op tafel gelegd.
    Nu is het weer aan beleidsmakers, museumdirecteuren en
    galeriehouders en consorten om kunstenaars te wijzen op het feit dat er zoveel zogeheten middelmatige kunst wordt gemaakt. Wat natuurlijk als een feit kan worden aangenomen als men beseft dat er maar eens in de zoveel jaar een stroming of kunstwerk of kunstenaar als ‘geniaal’ bestempeld wordt.
    Maar wie vinden ‘wij’ -al heb ik eerlijk gezegd nogal moeite met dat woord- als groep betrokkenen, of kunstenaars zeg maar, vooruit, dan wel echt de moeite waard? Plus er de reistijd, het entreegeld, en de koopzondag voor over?
    Aan wie zouden wij ons geld zonder twijfels doneren zonder er tegenprestatie van te verlangen anders dan wat
    iemand in belofte zou zijn?
    400 kunstenaars die 1000 euro (3 procent) van de in hun schoot geworpen beurs ter beschikking stellen om
    anderen hun werk te kunnen laten verwezenlijken, dat zouden 50 kunstenaars zijn die ineens een budget van 8000 euro tot hun beschikking hebben.
    Wie weet wat er uit opbloeit.

    En natuurlijk; de kunst in het algemeen zou in Nederland meer geld moeten krijgen. Al is het alleen maar om sponsorcontracten met dubieuze partijen en onwenselijke belangenverstrengeling te voorkomen.
    Maar de enige die daarin momenteel een stem zou kunnen hebben is minister Plassterk. En niet de groep die zich bezig houdt met het tentoonstellen van kunst, het toekennen van subsidies en de marketingsector.
    Die roepen natuurlijk allemaal om meer geld. Of een beetje meer geld.
    Geld dat grotendeels opgaat aan dure gebouwen, dure expeditiebedrijven, dure adviseurs, dure catering en een dure museumstaf.
    Kortom; overhead.
    Ik heb mij weleens afgevraagd of er ooit een berekening van is gemaakt hoeveel van het beschikbare budget daaraan gespendeerd wordt.
    Op alles in het land zou bezuinigd moeten worden behalve op de utilitaire voorzieningen en het aantal medewerkers van musea? Niet op dure presentaties en uitnodigingen?
    Ik woon eerlijk gezegd zelf liever in een land waar misschien minder geld voor kunst beschikbaar is maar er wel een goede gezondheidszorg voorhanden is, er betaalbare huurwoningen zijn en kinderen goed onderwijs kunnen genieten.
    Met een beetje creativiteit kon je in het verleden met een omgekeerde pisbak of een paar blikken tomatensoep het museum in. Tegenwoordig moet je minstens een heel museum onder water laten lopen, een halve stad nabouwen of hele metaalbewerkingsploegen inhuren.

    Afijn, het is allemaal kunst en allemaal kunstsubsidie en wie weet ook allemaal kunstsubsidiedebat.
    Want schilderkunst was doodverklaard met de opkomst van de fotografie, radio was doodverklaard met de opkomst van de tv, film was doodverklaard met de opkomst van de camcorder en niet lang hierna zal het kunstsubsidiedebat doodverklaard worden.
    En hopelijk heel lang doodblijven.

  35. Als redelijk ‘welgestelde’ beeldenmaker voelde ik me even aangesproken. Wat ik terug doe? Ik betaal mijn belasting. Ik geef advies aan collega’s die werkelijk verder willen met het beroep. Ik koop veel werk van collega’s. Doe aan pr. Of is dat nu weer vriendjespolitiek? Ik heb overigens nooit een startstipendium e.d. gekregen.

    Ook het geld dat wordt verdiend met de kunstkoopregeling door galeries en kunstenaars vloeit uiteindelijk weer terug naar investeringen in nieuwe beeldende kunst.

    Vrij advies aan een ieder die serieus een beroepspraktijk wil opzetten:

    Vergeet dat je op de academie hebt geleerd dat geld vies is.

    Vraag je bij elk project af of je er qua pr er wat aan hebt, of kan je er financieel verder mee?

    Creatieve dingen die niemand ziet, hoef je niet te maken. Kunst is actie en reactie.

  36. Beste Jan Doedel

    Laat ik even aannemen dat dat je echte naam is.
    Ik zag dat je website nog niet online is en kijk er naar uit.

    Op de academie heb ik nog nooit iemand horen zeggen dat geld vies is. Op zich vreemd want het is het natuurlijk wel. Er zijn weleens kweekjes van gemaakt en daaruit bleek dat op geld de de meest smerige bacterieen wonen. Maar dat terzijde. Dat is meer een biologiekwestie.

    Verder klinkt het alsof je beroepseer hoog houdt, zoals je je collega’s adviseert en helpt. Of dat vriendjespolitiek is of niet, dat kan alleen jij beoordelen denk ik.
    Maar kern van de kwestie is nu juist niet dat je je bij elk ‘project’ afvraagt of je er wat aan hebt en of je er ‘verder’ mee kunt financieel. Want dat is nu juist het grootste probleem van kunst. Maar tegelijkertijd ook zijn grootste zegening. Dat men zich niet hoeft af te vragen of je er commercieel succes mee zult hebben.

    En dat je belasting betaalt, ja, dat is wel zo burgelijk, daarmee zet je jezelf als kunstenaar eigenlijk direct buitenspel. (~:
    Maar goed, ik wacht even je website af om te bezien wat je zoal maakt.
    Bedankt voor de reactie iig.

    Met groet,

    R.

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*