Cacaofabriek Helmond verbiedt niet-bestaand ‘Allah’-kunstwerk Jordy Koevoets

    Profielfoto Jordy Koevoets

“Kunst- en cultuurinstelling De Cacaofabriek in Helmond heeft een niet-bestaand kunstwerk van de Bredase beeldend kunstenaar Jordy Koevoets op voorhand verboden. Koevoets wilde met zijn kunstwerk het verbod op het afbeelden van Allah bevragen. Dit wilde hij doen door een imaginair beeld op te roepen van Allah middels een korte, bewust niet beledigende tekst.”

Allah als imaginair kunstwerk, over nut en noodzaak van het concept kun je twisten, maar Jordy Koevoets schiet onverwacht raak, dankzij de fijne afwijzingstekst van de directeur van De Cacaofabriek:

“De Cacaofabriek is een gesubsidieerde organisatie met als opdracht om er als cultuurtempel voor iedereen te zijn. Daarom werken we momenteel aan ideeën en plannen om doelgroepen die we nog minder zien, zoals moslims, beter te verbinden met De Cacaofabriek. Het zou mooi zijn als De Cacaofabriek ook voor hen meer een ontmoetingsplek zou worden. (…) We doen dit vanuit de overtuiging dat mengen van mensen en mengen van verschillende culturen uiteindelijk de enige sleutel is tot een inclusieve samenleving. Waar we aan de ene kant bezig zijn om die doelgroep naar De Cacaofabriek te halen zou dit tekstwerk juist een tegenovergesteld effect teweeg (kunnen) brengen.”

Het woord tempel alleen al. De inclusieve samenleving als modieuze term, al dan niet opgelegd door subsidieverstrekkers.

Volledige tekst persbericht na de klik:

“Cultuurtempel De Cacaofabriek in Helmond verbiedt niet-bestaand ‘Allah’-kunstwerk
Kunst- en cultuurinstelling De Cacaofabriek in Helmond heeft een niet-bestaand kunstwerk van de Bredase beeldend kunstenaar Jordy Koevoets op voorhand verboden. Koevoets wilde met zijn kunstwerk het verbod op het afbeelden van Allah bevragen. Dit wilde hij doen door een imaginair beeld op te roepen van Allah middels een korte, bewust niet beledigende tekst. Dit zou een lovend poëtische alinea kunnen zijn, een parallelle vergelijking met een groots iconisch standbeeld (zoals de David van Michelangelo) of bijvoorbeeld door enkel de naam Allah op papier te zetten. De bezoeker zou het woord Allah of poëtische tekst lezen. Automatisch zou er bij de bezoeker een eigen ongrijpbaar, niet fysiek beeld van ‘Allah’ worden gevormd in gedachte. Mag dat of is de fantasie ook gekaapt door de Islam?

‘De kunstcommissie was tijdens het atelierbezoek zeer enthousiast over dit conceptuele imaginaire ‘Allah’-kunstwerk. Vanwege de mogelijke gevaren wilde men wel graag dat ik het idee voor zou leggen aan de directeur van De Cacaofabriek Jochem Otten. Van een schouderophalende Moslim tot de terroristische aanslag op Charlie Hebdo in Parijs, alle scenario’s kwamen voorbij die middag. Ik stemde in met het voorleggen van het idee op basis van de mogelijke extremistische gevaren. Alle andere imaginaire kunstwerken waren overigens geen enkel probleem.’ aldus Jordy Koevoets.

Zo gezegd, zo gedaan. Koevoets schreef het voorstel voor het ‘Allah’-kunstwerk en mailde deze naar de directeur van De Cacaofabriek. In het speelveld van de vrije kunstwereld is het antwoord van de directeur meer dan opzienbarend te noemen. Een redenering en verbod die Koevoets nooit had kunnen bevroeden.

‘(…) Wij zijn ons ook bewust van die risico’s. Er speelt echter nog een belangrijkere afweging. De Cacaofabriek is een gesubsidieerde organisatie met als opdracht om er als cultuurtempel voor iedereen te zijn. Daarom werken we momenteel aan ideeën en plannen om doelgroepen die we nog minder zien, zoals moslims, beter te verbinden met De Cacaofabriek. Het zou mooi zijn als De Cacaofabriek ook voor hen meer een ontmoetingsplek zou worden. (…) We doen dit vanuit de overtuiging dat mengen van mensen en mengen van verschillende culturen uiteindelijk de enige sleutel is tot een inclusieve samenleving. Waar we aan de ene kant bezig zijn om die doelgroep naar De Cacaofabriek te halen zou dit tekstwerk juist een tegenovergesteld effect teweeg (kunnen) brengen. Dat heeft ons doen besluiten om de expositie te willen voortzetten zonder dit onderdeel.’

De inclusieve samenleving als modieuze term, al dan niet opgelegd door subsidieverstrekkers. Het is op zich een nobel sterven van een gesubsidieerde kunst- en cultuurinstelling om nieuwe doelgroepen aan te spreken en er te zijn voor iedereen. Echter, als een weerloos kunstwerk op voorhand wordt verboden schiet het zijn doel voorbij. En daarbij heeft elke kunstinstelling deze ambitie al eens gehad, zonder significant succes. Nieuwe wijn in oude zakken dus.
Daarnaast is deze boycot een prematuur verbod. Koudwatervrees. Angst voor iets wat er nog niet is. Het zijn nog maar plannen en ideeën. De Moslim is er nog lang niet (komt misschien ook niet) en de kunst moet nu al wijken. En als de Moslim dan toch ooit in grote getalen binnenloopt dan mag hij zeker niet oog in oog komen met een bescheiden kunstwerkje waarin het verbod op het verbeelden van Allah wordt bevraagd. Dat heeft de directeur van De Cacaofabriek en de kunstcommissie met uiterst slappe knieën al voor hen besloten. Dat de kunst- en cultuurminnende Moslim per definitie wars is van elke kritische noot en direct rood aanloopt bij het zien van andersdenkenden, staat voor directeur Otten blijkbaar als een paal boven water. Vrijzinnige Moslims zijn er blijkbaar niet. Het kortzichtige clichébeeld van de Moslim moet het benepen uitgangspunt zijn in de hogere directiekringen van De Cacaofabriek.
Mensen en culturen moeten gaan mengen in De Cacaofabriek om aan te sluiten bij de inclusieve samenleving, zo meent de directeur. Kritische kunst moet dan maar wijken om dit doel te bereiken. Maar als je als kunstinstelling dan toch mensen en culturen wilt samenbrengen, waarom niet in symbiose met de vrije beeldende kunst?
Een Moslim op de teller is belangrijker dan de kunst, diens kunstenaar en de vragen die gesteld worden. Belangrijke kernwaarden worden zonder blikken of blozen te grabbel gegooid. Autonomie, vrije expressie, kritische houding en maatschappelijke relevantie blijken van ondergeschikt artistiek belang in De Cacaofabriek.

‘Het is nog absurder. Toen ze op bezoek waren in mijn atelier was de eerste vraag die ik hen stelde: Waarom hebben jullie mij eigenlijk uitgenodigd om te exposeren? Het antwoord is met terugwerkende kracht lachwekkend: ‘‘Vanwege je kritische noot en je tegendraadse houding in de kunst en je kunstenaarschap (…)’’ Ze wisten dus wie ze voor zich hadden en wat ze konden verwachten. Ze hadden me vooraf moeten vertellen dat de belangen van het publiek op de eerste plaats komen. Dan had ik bij het eerste telefoontje al meteen bedankt voor deelname. Ook had de kunstcommissie mij moeten vertellen dat ook deze populistische redenering van de directeur een optie kon zijn voor een boycot. Ook dan had ik de leden van de kunstcommissie vriendelijk bedankt. Maar een Moslim in je cultuurtempel is bingo bij subsidieverstrekkers. Je voldoet aan de gevraagde, van hogerhand opgelegde inclusieve maatschappij. De subsidie waar men volledig afhankelijk van is, is binnen. Het baantje van de directeur en commissieleden zijn veiliggesteld. Dat er een kunstwerk is verboden zal niet vermeld staan in de subsidieaanvraag.’

Het ‘Allah’-kunstwerk is slechts een idee gebleven. Tot een eerste opzet of proefversie is het nooit gekomen – er is ook nooit om gevraagd. Alles is al in de kiem gesmoord. Onschadelijk gemaakt omdat de directeur en kunstcommissie de nieuw te winnen Moslimbezoeker wil pleasen. De kernwaarden van de kunst zijn ver te zoeken in Helmond zo blijkt. Het inclusieve beleid zou vooruitstrevend genoemd kunnen worden, als het samen zou gaan met het hele palet die de beeldende kunst te bieden heeft. Nu betaalt de kunst een hoge prijs, ze wordt verboden. De makkelijkste weg. Het populisme regeert in de zelfbenoemde cultuurtempel De Cacaofabriek.
Kunstenaar Jordy Koevoets is inmiddels geroyeerd en zegt zelf nooit meer een stap te zetten in de verder slappe hap die tekenend is voor de kunstcommissie, directie en alles wat er in De Cacaofabriek aan kritiekloze kunst getoond wordt. Juridische stappen worden door Koevoets overwogen. De overgebleven kunstenaars zijn doorgeschoven naar een andere tentoonstelling. Als het maar niet schuurt.

‘Met Jezus Christus mocht ik alles doen, dat was geen enkel probleem geweest.’”

Jeroen Bosch
About Jeroen Bosch 4708 Articles
Smaakmakend sinds jaar en dag: onafhankelijk kunstenaar, tentoonstellingmaker, trendbeheerder en oprichter art agent orange, artist run art agency. Eigen werk onder jeroenbosch.com Meer info zie trendbeheer.com/jeroen-bosch

1 Comment

  1. waarom maak je geen schilderij met jezus erop jordy?dan schilder je het verboden woord ergens tussen de verflagen die eronder liggen maar dat zeg je dan gewoon tegen niemand!dan heb je het toch uit je systeem of plak eens eens stickertje ergens ofzo of schilder een saai gebouw vol met mooie kleuren xs

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*