Mons in een notendop / vier weken aanloop naar tentoonstelling in Mons

01

01b

Mons, Bergen.be te België, een keurigschattig voormalig mijnwerkersstadje met bijpassende hopeloosheid nodigde – ter ere van het aanstaande Europees Culturele Hoofdstadschap – de uit Rotterdam afkomstige ondergetekende uit samen met Akim uit Berlijn, Mathieu Tremblin uit Rennes (F) en Obetre uit Brussel, een gelegenheidscollectief te spelen als bijdrage voor de tentoonstelling Corps Commun – een tentoonstelling aldaar die 2 generaties samenwerkingsverbanden zou laten zien.

02

01c

    Typische Monsenaren (in de volksmond ook wel ‘Monsters’) in regulier weekend-kledij.

Als gelegenheidscollectief (lees: bijmekaar geharkt viertalwat dat nog niet eerder samengewerkt had – noch elkaar ontmoet in levende lijve) bestonden de eerste 2 weken van ons 4weekse aanloop-periode uit verbale lofzangen, discussies over het waarom, hoe, wat, waar en andere aftastingen van elkaars tolerantie en creatief vermogen tot samenwerken.

03a

03b

03c

Doel van de uitnodigende partij, de cultuurafdeling van de gemeente Mons/Bergen, was een tentoonstelling met 3 Bergense kunstenaars-collectieven uit vervlogen tijden tenzamen met een hedendaags gezelschap, te bezoeken in het voormalig Abattoire…

05

…alwaar een drietal paviljoentjes waren gebouwd waarbinnen werken (schilderijen, beelden, foto’s etc.), relikwieën en documenten lagen opgebaard.

06

    carré d’art

07

    maka

08

    cuesmes 68

Het gezelschap hedendaagsen besloot haar cubus buiten (buiten de binnenstad) te plaatsen – weigerend hun buitenwerken/interventies op vergelijkbare wijze te tonen.

09

Gekozen werd voor een eenvoudige publicatie waarin een selectie ingrepen in de publieke ruimte getoond werden, en sober uitzichtplaatje vanuit buitencubus als verwijzing naar.

10a

10b

Een kleine greep uit plaatmateriaal van een aantal schetsmatige werken, ingrepen en acties van verschillend pluimage, die het licht vonden in de buitenruimten van Mons.

11

    Akim hangt

36a

36b

Bij gebrek aan redelijk gedragen verantwoordelijkheid door de uitnodigende partij de stad Mons (de 4 hedendaagsen werden expliciet uitgenodigd vanuit hun ‘straat-interventie expertise’ een reeks ingrepen te doen in het publieke domein van de stad) werd besloten onze eigen ‘disclaimer’ te fabriceren en bij te dragen als mogelijke reddingsboot in geval van nood.

12

*Obetre (Ob) biedt zichzelf aan als gratis hulp.

13a

13b

*Mathieu Tremblin (MT) beplakt voertuigen met spreuken van vooraanstaand democratische denkers.

14a

14b

Onder het mom “gewoon omdat het kan” knallen met een aardappel-kanon: BOEM! (Akim)

15a

15b

Ob en MT bekrijten wand als foto-momentje

16a

Plastic zak als vaandel… (JJ)

16b

..en bond de renschoenen onder voor een blokje om.

17

    Lente in Mons.

De stad wordt omsloten door twee rivieren: La Trouille en La Haine – de Angst en de Haat. Het zuiver-bronwater gevoel was daarbij vanzelfsprekend ver te zoeken.

18a

18b

Water werd hieruit gebotteld

19

20

21

22

23

24

en aangeboden aan een breed publiek. (Het drinken ervan afgeraden, daar beide stromen als open riool gebruikt worden en ernstig vervuild zijn.) (MT JJ)

25a

25b

Geconstrueerde smiley-faces van verkeersborden (Ob&MT)

26a

Groepsportret (Akim)

26b

Akim (theatrale escenering in voormalig psychiatrisch instituut): iets met de Wereld, Sociale Verbanden, Verf, maar vooral ook Good Times.

26c

29a

Troepafvalconstellatie van Recycling, door ons uitgenodigd getalenteerd lokaal collectief, gespecialiseerd in rotzooi en braakliggende terreinen weer tot leven wekken.

29c

Een ander verband

30

Objet trouvé: silo uit mijnwerkers-tijd achter Terril de l’Héribus

30b

in

30c

trap

30d

naakt beton

30e

(asbest opruim momentje)

30f

en genodigde gasten

30g

30h

30i

30j

30k

where Maka meets Jazz style corner

30l

(dirty hands)

31a

en ook ik deed mijn ding:

31b

hoogste camera-statief van Mons

31c

afgezet pad, om plat te lopen

31d

31e

(with a little help)

31f

31g

35b

‘Mons 2013, C’est Local’ reageert op ‘Mons 2015, C’est Capital’ (culturele hoofdstad) vanuit het motto ‘niet morgen maar nu!’

35a

Reconstructie in zwart (JJ)

35c

‘Een boeketje voor Mons’

35d

Verlaten winkelpand-venster ingreep (MT)

35e

Interventie in 4 delen (deel 4) (Ob)

Een snelle greep uit een map met meer dan 3000 afbeeldingen :(
Dank voor uw geduld en begrip voor deze flodderige reportage. Foto’s van de opening hebben het aansluitende bacchanaal niet weten weerstaan – zo ook de hilarische portretten met Elio di Rupo, erebezoeker van de tentoonstelling, naar al die honderden anderen.
Akim, Mathieu Trembil en Obetre – onthoud die namen zeg ik u.

Corps Commun loopt nog tot 14 juli 2013, dus mocht nu onderweg zijn van Brussel naar Parijs of er gewoon voor gaan:

mons.be/culture/events/corps-commun

Anciens Abattoirs, place de la Pêcherie – 7000 Mons

een goede groet van uw gelegenheidscorrespondent
JJ

39

You may also like...

5 Responses

  1. Kees says:

    Chapeau, een mooi gelaagd verslag M. Jongeleen!

  2. JB says:

    Een tweestromenland verdeeld door La Trouille en La Haine, het gelijkt wel Astrix en Obelix en de broedertwist. Mooi waterwerk heeft u daaruit weten te destilleren.

  3. Mooi triest verslag.

  4. MB says:

    het lijkt wel 4 jaar…

  5. Beside the neutral description of the surroundings Jeroen did, it’s important as a reminder to say that collective action happened here at random. As solo artists, even if we used to do a lot of projects involving several persons (graffiti writers, artists, photographers, film makers, graphic designers, associations, citizen), we did not succeed completly to fulfill the “collective in art” topic which was supposed to be the aim of the residency beside urban intervention art aspect (which was the second topic).
    “Collective in art” is always happening when you don’t expect it. Here, we gather regarding the curatorship which pushed the three elder collectives into classical archive “time travel” white cubes. We did state together a position interacting with this already-there situation by moving “our” white cube to the place where things are happening, outside of the museum, in some kind of wasteland – if you consider that the reason we were gathered by the curators was also our graffiti background (this statement appears to be some classical art statement but also reflect perfectly how we deal with urban intervention in everyday life). All the other gesture we did were somehow related to the surrounding: the time we spend together while we were hanging around the city, its lack of uncontrolled margins in touristic center mostly which did let us none official space for free artistic moves. And those gesture were especially related to the city council behaviour, which did not spread the information of our active residency, giving birth to some kafkaian mistakes, and which was by the way late for everything (we could have came during the third week if we would have liked to follow the previous schedule we had though) and enable to get any autorisation it was supposed to get (as city council are, most of the time, regarding urban intervention art itself).
    But this is a paradoxical situation which we are used to deal with. What brings me at the end to this question: can collective action take place and/or collective of citizens act in partnership with elected people and city administration?
    I don’t think so. The aim of doing art is to create despite audience in order to bring strong and actual topics of reflexion (as Foucault is defining actuality: something still in transformation). This is the exact opposite of city council current way of dealing with the audience (satisfying it at least for being reelected mostly).
    So as a conclusion, for me, dealing with urban intervention and city council is not about “getting autorisation” or “doing it with defiance”, it’s just about trying to implement new methodologies in the way of managing the city – which we did not completly succeed – or at least showing them that we can do things in another frame. Complete controled/security/ownership/autorisation society is not the democratic dream, it’s citizen prison. And art which sacrifies all its freedom to those rules appears as a crown of flower on the tombstone of a city-cemetary.
    We better do self-destructive interventions – as a always renewed blooming – than to play the sterile decorative permanence of patrimony.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *