You may also like...

8 Responses

  1. ET says:

    Wow!

  2. …zonder woorden?

  3. Meesje Klum says:

    Waar is dit! WOW

  4. Jaring says:

    Bij Nieuwe Vide in Haarlem natuurlijk. De documentatie valt te vinden op http://www.nieuwevide.nl/content_new/tentoonstelling_overzicht.php?id_t=213

  5. EvdL says:

    Pst Jaring: Meesje Klum = Juliaan Andeweg.

  6. Juliaan Andeweg says:

    Of toch gewoon een collega van Juliaan Andeweg?

    EvdL! Geen vaste werkplekken, weining onderling contact. Openstaande tabbladen. Maar is goed hoor EvdL we zijn blij met je.

  7. Juliaan Andeweg says:

    Reggie:

    Plenty of sand in the vaseline – door Vincent van Velsen

    Het is bijna onmogelijk om niet het woord Gesamtkunstwerk te gebruiken bij het beschrijven van Plenty of Sand in the Vaseline , de eerste akte van THE FAKE, THE FICTION & THE COMMON. Onder leiding van Bonno van Doorn is de expositieruimte van de Nieuw Vide verworden tot een totaalinstallatie: kleurrijke muurschilderingen, staande, liggende en hangende werken, schilderijen, sculpturen en allerhande andere objecten. Over de ruimte is veel te zeggen, maar in ieder geval niet dat het een whitecube is.

    Het betreden van de ruimte voelt als een overgang naar een andere wereld. De transformatie van de expositieruimte naar deze kleurrijke wereld was een serieuze opgave, omdat de ruimte van de Nieuwe Vide geheel is afgesloten van contact met de buitenwereld: zonder daglicht, ramen of een ander handvat om als uitgangspunt te nemen bij inrichting. Bij aanvang van de opbouw was de ruimte dan ook wit, neutraal en steriel, nu het tegenovergestelde. De vier muren zijn beschilderd en er is een podium gemaakt waar zich een microfoonstandaard met een half-doorschijnend shawltje in regenboogkleuren bevindt, waarnaast een soort neonlichtbak op een standaard staat, naast een verticale cilinder, een gevonden voorwerp en een sculptuur van purschuim. De bezoeker beweegt zich door de wereld van Bonno van Doorn: om het podium, langs objecten en sculpturen, met hier en daar een doorkijk terwijl er onder hangende werken door wordt gelopen. Er is een overvloed aan visueel voer.

    Dit is een tentoonstelling zoals Van Doorn die zelf graag zou bezoeken, maar in een kunstwereld waar de whitecube nog steeds de meest gebruikte presentatievorm is, is het aan hem zelf om een ruimte als dit te bouwen. Samen met de Ralph de Jongh en Juliaan Andeweg werkte hij aan een ruimte die een geheelervaring moet voortbrengen, waar de bezoeker elk werk op vele verschillende manieren kan benaderen en bij het bewegen door de ruimte steeds nieuwe inzichten opdoet. Door het geheelontwerp is het moeilijk om de werken van de individuen te onderscheiden; deze gaan op in het geheel. De kenner van de individuele signatures zal de werken kunnen herkennen, maar voor de terloopse bezoeker kan het ook aan doen als een solo van Bonno van Doorn. De toevoeging van de andere twee kunstenaars ligt vooral in de totstandkoming. Van Doorn werkt vanuit een idee, maar met een vrij uitgangspunt. Hij heeft een idee van wat het ongeveer moet worden, maar laat de loop van het maakproces geheel open voor verandering. Het idee kan onderweg geheel veranderen en aangepast worden aan elke vorm die op dat moment beter lijkt. De meewerkende kunstenaars keken, dachten en beslisten mee, hoewel Van Doorn veto-recht hield. Het overleg en de samenspraak doet denken aan een democratisch proces. Bonno zelf vergelijkt zijn werk met een maatschappij, of het leven. Het geheel bevat sterke en mindere elementen, maar het algemene beeld moet goed zijn.

    De titel Plenty of Sand in the Vaseline behelst hetzelfde concept. Het is hier en daar glad en soepel, maar er zit genoeg zand bij om het ook te laten schuren en niet tot een nietszeggend, van te voren uitgemeten steriele belevenis te verworden. Het is de balans waar Bonno van Doorn naar zoekt. In het geheel en in zijn individuele werken. In de schilderijen en muurschilderingen is de zoektocht naar balans eveneens terug te vinden. Bij het maken bekijkt hij continu wat de volgende geste moet zijn, elke voorgaande handeling bepaalt het uitgangspunt voor de volgende: uiteindelijk moet het kloppen.

    Elke kunstenaar kreeg van Van Doorn een aantal delen van de muur waarop zij mochten doen wat ze wilden. Dit resulteerde in experimenten met de mogelijkheid van het medium – dat ze zelf normaal niet gebruiken. Hun expliciete aanwezigheid zit hem in het kunnen vertalen van hun eigen werk naar de eisen van Bonno. Daarnaast was er ook de inbreng van het meekijken en -denken. Ralph de Jongh en Juliaan Andeweg ondergingen dit gewillig, tegelijk dachten en co-arrangeerden ze de gehele tentoonstelling mee – met name De Jongh is hierbij intensief betrokken geweest.

    Toch moet het voor hem en Juliaan vreemd zijn om hun werk op een radicaal andere wijze gepresenteerd te zien. Normaliter plaatst Ralph de Jongh zijn (veelal gipsen) objecten in de ruimte en gaat ook de conversatie – of confrontatie – met de ruimte aan, maar niet op deze uitgebreide manier, waarin de gehele ruimte is beschilderd en het vloeroppervlak intensief is gebruikt. Misschien is dit de reden dat een aantal van Ralph’s werken aan het plafond hangen, waar ze nog wat ruimte voor zichzelf konden vinden. Tegelijk zal het voor hem ook nieuwe inzichten hebben geboden in een mogelijke manier van omgang met ruimte – eventuele invloed zal wellicht in het volgende deel van de tentoonstellingsreeks te zien zijn, als De Jongh de regie voert.

    Plenty of Sand in the Vaseline is een prikkelende tentoonstelling geworden, voor bijna alle zintuigen. De expositie zou een totaalinstallatie genoemd kunnen worden, ware het niet dat Bonno onvermijdelijk een schilder is. Dit wordt nog eens bevestigd door zijn keuze voor de film – uit de collectie van De Hallen – die tijdens de tentoonstelling wordt getoond: Painter (1995) van Paul McCarthy. Hierin is een schilder in zijn atelier aan het werk, afgesloten van de buitenwereld. De geïsoleerde genius die tot grootse werken komt, maar wel na een zware strijd met zichzelf en de materie. Het is een cliché, maar in de afgesloten ruimte van de Nieuwe Vide wel degelijk relevant.

    Vele verschillende elementen zijn aanwezig, het is bijna te veel om allemaal in een enkel bezoek te bevatten. Sommige elementen zijn wat minder dan anderen, of van een andere kant bekeken dan toch weer beter, maar het totaalplaatje klopt. Bij elke beweging wordt er nieuw inzicht in de ruimte en op de werken geboden. Bewegend door de ruimte zijn er doorkijkjes, werken die elkaar uit het zicht houden maar wel ontsloten kunnen worden door om een ander werk te lopen. Het teweeg brengen van een ervaring is geslaagd: het is een alternatieve wereld geworden en ook best een fijne plek.

    Vincent van Velsen, 10 juni 2013

  8. Juliaan Andeweg says:

    @EvdL jij bent het! pfffffffffffffffffffffffffff

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *